Ad
< terug

Gaat het?

21 januari 2014 (0 reacties)

Hardlopen

Door Henk van Duuren

De halve marathon zit er op en na het douchen pak ik mijn tas in. Op het moment dat ik mijn jas aan wil trekken gaat de deur van de kleedkamer langzaam open. Een bebaarde, ongeveer 60-jarige, man leunt op de deurkruk en met een laatste krachtsinspanning haalt hij de bank. Het hoofd is rood aangelopen en met de armen hangend en de benen languit gestrekt kijkt hij leeg voor zich uit en zegt zomaar in het niets: ”Dat was lekker!”
Als ik mijn jas aangetrokken heb zie ik dat hij nog steeds, zwaar ademend, maar met een ongelooflijke grijns op zijn gezicht voor zich uit staart. Hij is in de volle kleedkamer even helemaal alleen met zichzelf. Zo te zien heeft hij het uiterste van zichzelf gevergd.
“Gaat het?” vraag ik belangstellend aan hem. Hij kijkt me aan en zijn grijns wordt nog breder. “Of het gaat? Ja, maar niet meer zo snel als vroeger! Het hoofd wil nog wel, maar het lijf ietwat minder!” is zijn antwoord. Zonder dat ik kan reageren vertelt hij, met ruime adempauzes tussen de zinnen, verder.
“Vroeger liep ik de halve marathon wel een kwartier tot twintig minuten sneller dan nu. Vandaag was het extra zwaar met die straffe wind tegen, maar ik heb geknokt. Net als vroeger, net zo hard geknokt, niets minder en met evenveel voldoening. Maar die snelheid hè, die snelheid, die gaat met de jaren achteruit. Eerst met een minuutje en sinds mijn achtenvijftigste zelfs met twee minuutjes per jaar. Ik ben nu heel tevreden, wanneer ik een halve marathon binnen één uur en drie kwartier volbreng. Vandaag is me dat weer gelukt, ondanks die rotwind. Tjonge, wat ben ik blij!”
Tijdens zijn betoog komt het leven weer in hem terug en op het moment dat hij zegt dat hij blij is, bekrachtigt hij de woorden met het opheffen van armen en het triomfantelijk ballen van zijn vuist.
Ik sta ondertussen al met de deurklink in de hand, maar hij is nog niet klaar met zijn verhaal. “Als ik me gedoucht heb ga ik naar de kantine en trakteer mezelf op een biertje, dat heb ik wel verdiend. Tjonge, een halve binnen één uur en drie kwartier.” Bij het laatste schudt hij zijn hoofd, alsof hij zelf nog niet gelooft dat hij die prestatie geleverd heeft.
Even later zit hij aan de bar, genietend van een bruin biertje en met de grijns die wel vast gebeiteld lijkt te zijn op zijn gezicht. In het geroezemoes van de kantine hoor ik net nog wat hij, tegen iemand die ook aan de bar zit, zegt: “….en nog wel binnen één uur en drie kwartier!”

© hardloopnieuws.nl

Reacties

    Geen reacties.
Al een account, log hier in.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gaat het?

17 februari 2006 (0 reacties)

Hardlopen

Door Henk van Duuren

De halve marathon zit er op en na het douchen pak ik mijn tas in. Op het moment dat ik mijn jas aan wil trekken gaat de deur van de kleedkamer langzaam open. Een bebaarde, ongeveer 60-jarige, man leunt op de deurkruk en met een laatste krachtsinspanning haalt hij de bank. Het hoofd is rood aangelopen en met de armen hangend en de benen languit gestrekt kijkt hij leeg voor zich uit en zegt zomaar in het niets: ”Dat was lekker!”
Als ik mijn jas aangetrokken heb zie ik dat hij nog steeds, zwaar ademend, maar met een ongelooflijke grijns op zijn gezicht voor zich uit staart. Hij is in de volle kleedkamer even helemaal alleen met zichzelf. Zo te zien heeft hij het uiterste van zichzelf gevergd.
“Gaat het?” vraag ik belangstellend aan hem. Hij kijkt me aan en zijn grijns wordt nog breder. “Of het gaat? Ja, maar niet meer zo snel als vroeger! Het hoofd wil nog wel, maar het lijf ietwat minder!” is zijn antwoord. Zonder dat ik kan reageren vertelt hij, met ruime adempauzes tussen de zinnen, verder.
“Vroeger liep ik de halve marathon wel een kwartier tot twintig minuten sneller dan nu. Vandaag was het extra zwaar met die straffe wind tegen, maar ik heb geknokt. Net als vroeger, net zo hard geknokt, niets minder en met evenveel voldoening. Maar die snelheid hè, die snelheid, die gaat met de jaren achteruit. Eerst met een minuutje en sinds mijn achtenvijftigste zelfs met twee minuutjes per jaar. Ik ben nu heel tevreden, wanneer ik een halve marathon binnen één uur en drie kwartier volbreng. Vandaag is me dat weer gelukt, ondanks die rotwind. Tjonge, wat ben ik blij!”
Tijdens zijn betoog komt het leven weer in hem terug en op het moment dat hij zegt dat hij blij is, bekrachtigt hij de woorden met het opheffen van armen en het triomfantelijk ballen van zijn vuist.
Ik sta ondertussen al met de deurklink in de hand, maar hij is nog niet klaar met zijn verhaal. “Als ik me gedoucht heb ga ik naar de kantine en trakteer mezelf op een biertje, dat heb ik wel verdiend. Tjonge, een halve binnen één uur en drie kwartier.” Bij het laatste schudt hij zijn hoofd, alsof hij zelf nog niet gelooft dat hij die prestatie geleverd heeft.
Even later zit hij aan de bar, genietend van een bruin biertje en met de grijns die wel vast gebeiteld lijkt te zijn op zijn gezicht. In het geroezemoes van de kantine hoor ik net nog wat hij, tegen iemand die ook aan de bar zit, zegt: “….en nog wel binnen één uur en drie kwartier!”

© hardloopnieuws.nl

Reacties

    Geen reacties.
Al een account, log hier in.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *