< terug

Magisch moment

Nog één keer adem ik diep door en op het moment dat ik de finish passeer van de marathon van Rotterdam blaas ik met gebolde wangen het laatste restje energie uit mijn geteisterde lichaam. De grens van mijn kunnen heb ik weer eens ontdekt. Een grens die met de jaren mee verschuift. “Zo, dat was het dan. Nu herstellen en je richten op de dingen die je hebt laten liggen en de vrienden die je tekort hebt gedaan door al het trainen!” beveel ik me zelf

21 januari 2014 (0 reacties)

Hardlopen

Door Henk van Duuren

Nog één keer adem ik diep door en op het moment dat ik de finish passeer van de marathon van Rotterdam blaas ik met gebolde wangen het laatste restje energie uit mijn geteisterde lichaam. De grens van mijn kunnen heb ik weer eens ontdekt. Een grens die met de jaren mee verschuift. “Zo, dat was het dan. Nu herstellen en je richten op de dingen die je hebt laten liggen en de vrienden die je tekort hebt gedaan door al het trainen!” beveel ik me zelf.

Met een glimlach op mijn gezicht drijf ik mee in de ononderbroken golfstroom van mensen die finishen en beweeg me naar een kraam om een flesje drinken te pakken. Het water is louterend en na een paar slokken ben ik weer helemaal mezelf en denk: “Hoe zou het Ellen vergaan?” We zijn samen afgereisd naar Rotterdam en de afspraak is gemaakt dat we elkaar na de finish opwachten. Er is voldoende ruimte aan de zijkant van het parcours, ik loop iets terug richting de finishlijn. Vanaf de stoep heb ik er mooi zicht op. Rustig sta ik daar te kijken en geniet van al de manieren waarop de lopers de finish passeren. Totaal afgemat, soms euforisch, een ander weer ingetogen, ieder doet het op zijn eigen wijze.

Een vrijwilligster, stadswacht of iets dergelijks komt op me af. Ze draagt een soort uniform en heeft geen positieve uitstraling. De blik is nors en haar houding toont een gekunstelde autoriteit. “Je mag hier niet staan, je moet doorlopen!” Ik zeg haar dat ik wacht op mijn maatje en dat ik niemand in de weg sta. Ze heeft er geen begrip voor en sommeert me om door te lopen. Met een smalende trek op haar gezicht sneert ze: “Als iedereen hier blijft staan kan er niemand meer finishen. Snap je dat niet?” Ik snap het, neem nog een slokje water en op het moment dat ik terug wil lopen begint ze aan me te duwen en te trekken. “En snel een beetje!” gromt ze waarbij haar hoofd de uitstraling krijgt van een kwade hondenkop. Ik krijg meteen een adrenalinestoot, sta stokstijf en reageer met een scherp afgemeten “Blijf van me af!” Mijn lichaamstaal en intonatie zijn voldoende om haar een stap terug te laten doen. Uiterlijk rustig wandel ik weg en zoek een plek iets verder weg van de finish om mijn Ellen niet te missen.

De boosheid en verontwaardiging razen toch nog even door in mijn lijf. Ik kijk in de richting van de boze blonde vrijwilligster en zie dan een Zuid-Amerikaanse Indiaan, met lang grijzend haar vastgehouden door een rode haarband met goudgele stippen, binnen komen. Vlak na de finishlijn blijft hij staan, maakt een beweging met zijn hand naar zijn borst, dan naar zijn lippen en vervolgens richting de zon. Het blonde venijn wil op hem toelopen en op nog geen meter van hem vandaan stopt ze. Alsof ze tegengehouden wordt door een energieveld dat om de Indiaan hangt. Ze kijkt even heel vreemd, draait zich dan om en laat de man verder gaan met zijn ritueel. De hand van de Indiaan gaat weer naar de grond en via borst en lippen naar de hemel. Hij straalt verbondenheid uit met de zon, het omringende universum en dankbaarheid voor het volbrengen van een zware aardse taak. Alle lopers buigen af naar links en rechts. Niemand botst tegen hem op. Hij lijkt onaantastbaar in zijn ritueel en ik ervaar het als een magisch moment.

Ik voel, terwijl ik de ceremonie met hem mee beleef, de frustratie uit mijn lijf vloeien. Mijn boosheid ebt weg en als ik de blonde vrouw naar me zie kijken leg ik mijn hand op de borst. Ze doet hetzelfde en terwijl we elkaar blijven aankijken voeren we hetzelfde ritueel uit als de Indiaan. Daarna schenken we elkaar een gulle lach, waarbij we grinnikend verontschuldigend onze schouders optrekken met het daarbij passend handgebaar. We kijken daarna zoekend naar de Indiaan en zien nog net dat startnummer 6459 in de massa verdwijnt. Zijn ritueel zal hem gezuiverd hebben en niet alleen hem!

© hardloopnieuws.nl

Reacties

    Geen reacties.
Al een account, log hier in.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Magisch moment

Nog één keer adem ik diep door en op het moment dat ik de finish passeer van de marathon van Rotterdam blaas ik met gebolde wangen het laatste restje energie uit mijn geteisterde lichaam. De grens van mijn kunnen heb ik weer eens ontdekt. Een grens die met de jaren mee verschuift. “Zo, dat was het dan. Nu herstellen en je richten op de dingen die je hebt laten liggen en de vrienden die je tekort hebt gedaan door al het trainen!” beveel ik me zelf

22 mei 2009 (0 reacties)

Hardlopen

Door Henk van Duuren

Nog één keer adem ik diep door en op het moment dat ik de finish passeer van de marathon van Rotterdam blaas ik met gebolde wangen het laatste restje energie uit mijn geteisterde lichaam. De grens van mijn kunnen heb ik weer eens ontdekt. Een grens die met de jaren mee verschuift. “Zo, dat was het dan. Nu herstellen en je richten op de dingen die je hebt laten liggen en de vrienden die je tekort hebt gedaan door al het trainen!” beveel ik me zelf.

Met een glimlach op mijn gezicht drijf ik mee in de ononderbroken golfstroom van mensen die finishen en beweeg me naar een kraam om een flesje drinken te pakken. Het water is louterend en na een paar slokken ben ik weer helemaal mezelf en denk: “Hoe zou het Ellen vergaan?” We zijn samen afgereisd naar Rotterdam en de afspraak is gemaakt dat we elkaar na de finish opwachten. Er is voldoende ruimte aan de zijkant van het parcours, ik loop iets terug richting de finishlijn. Vanaf de stoep heb ik er mooi zicht op. Rustig sta ik daar te kijken en geniet van al de manieren waarop de lopers de finish passeren. Totaal afgemat, soms euforisch, een ander weer ingetogen, ieder doet het op zijn eigen wijze.

Een vrijwilligster, stadswacht of iets dergelijks komt op me af. Ze draagt een soort uniform en heeft geen positieve uitstraling. De blik is nors en haar houding toont een gekunstelde autoriteit. “Je mag hier niet staan, je moet doorlopen!” Ik zeg haar dat ik wacht op mijn maatje en dat ik niemand in de weg sta. Ze heeft er geen begrip voor en sommeert me om door te lopen. Met een smalende trek op haar gezicht sneert ze: “Als iedereen hier blijft staan kan er niemand meer finishen. Snap je dat niet?” Ik snap het, neem nog een slokje water en op het moment dat ik terug wil lopen begint ze aan me te duwen en te trekken. “En snel een beetje!” gromt ze waarbij haar hoofd de uitstraling krijgt van een kwade hondenkop. Ik krijg meteen een adrenalinestoot, sta stokstijf en reageer met een scherp afgemeten “Blijf van me af!” Mijn lichaamstaal en intonatie zijn voldoende om haar een stap terug te laten doen. Uiterlijk rustig wandel ik weg en zoek een plek iets verder weg van de finish om mijn Ellen niet te missen.

De boosheid en verontwaardiging razen toch nog even door in mijn lijf. Ik kijk in de richting van de boze blonde vrijwilligster en zie dan een Zuid-Amerikaanse Indiaan, met lang grijzend haar vastgehouden door een rode haarband met goudgele stippen, binnen komen. Vlak na de finishlijn blijft hij staan, maakt een beweging met zijn hand naar zijn borst, dan naar zijn lippen en vervolgens richting de zon. Het blonde venijn wil op hem toelopen en op nog geen meter van hem vandaan stopt ze. Alsof ze tegengehouden wordt door een energieveld dat om de Indiaan hangt. Ze kijkt even heel vreemd, draait zich dan om en laat de man verder gaan met zijn ritueel. De hand van de Indiaan gaat weer naar de grond en via borst en lippen naar de hemel. Hij straalt verbondenheid uit met de zon, het omringende universum en dankbaarheid voor het volbrengen van een zware aardse taak. Alle lopers buigen af naar links en rechts. Niemand botst tegen hem op. Hij lijkt onaantastbaar in zijn ritueel en ik ervaar het als een magisch moment.

Ik voel, terwijl ik de ceremonie met hem mee beleef, de frustratie uit mijn lijf vloeien. Mijn boosheid ebt weg en als ik de blonde vrouw naar me zie kijken leg ik mijn hand op de borst. Ze doet hetzelfde en terwijl we elkaar blijven aankijken voeren we hetzelfde ritueel uit als de Indiaan. Daarna schenken we elkaar een gulle lach, waarbij we grinnikend verontschuldigend onze schouders optrekken met het daarbij passend handgebaar. We kijken daarna zoekend naar de Indiaan en zien nog net dat startnummer 6459 in de massa verdwijnt. Zijn ritueel zal hem gezuiverd hebben en niet alleen hem!

© hardloopnieuws.nl

Reacties

    Geen reacties.
Al een account, log hier in.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *